Zoeken
  • bernardgoovaerts

De blik van Horowitz

Bijgewerkt: 18 apr 2019

In 1986 kwam de meesterpianist Vladimir Horowitz voor het eerst duidelijk onder mijn aandacht, omdat het toen wereldnieuws was, dat hij na lange tijd terug kwam in de toenmalige Soviet-Unie om concerten te geven in Moskou en Leningrad. Ik speelde toen zelf een jaar of vijf vooral klassiek piano en was enorm onder de indruk van het spel van deze eigenzinnige man. Zoals iedere hoge boom veel wind vangt, kreeg ook Horowitz zo nu en dan kritiek te verduren. Zo zou zijn spel te eigenwijs zijn en te slordig als het aankwam op snelle noten. Het kon mij allemaal niets schelen. Tot op de dag van vandaag heb ik veel respect voor Horowitz en luister graag naar zijn interpretaties van bekende en minder bekende composities. Graag wilde ik mijn enthousiasme delen met mijn zestienjarige leeftijdgenoten, maar dan kwam ik helaas van een koude kermis thuis, want vrijwel niemand had van de wereldberoemde pianist gehoord en wie er wel van had gehoord noemde hem steevast “Horrorwitz”, want dat was dan grappig.


Een jaar later werd bekend, dat Vladimir Horowitz op 24 mei 1987 een recital zou geven in het Concertgebouw te Amsterdam. Daar moest ik natuurlijk heen! De kaartverkoop begon een maand tevoren. De desinteresse van mijn klasgenoten indachtig was ik de bij mijn leeftijd passende naïeve mening toegedaan dat het wel niet zo storm zou lopen met de kaartverkoop. Ik vermoedde dat het wel voldoende was om drie kwartier tevoren aanwezig te zijn bij de kassa van het Concertgebouw. Ik kwam om de geplande tijd aan en zag een enorme massa mensen staan, waarvan er, naar later bleek, een aantal zelfs met slaapzakken voor de deur had gelegen. De kassa bevond zich destijds ergens aan de zijkant van het Concertgebouw. Er bevonden zich twee deuren, die bereikbaar waren via een kleine trap, die in tweeën gedeeld was door een metalen leuning, een deling in een breed gedeelte en een smal gedeelte. Er was alleen nog wat ruimte bij het smalle gedeelte, dus nam ik daar noodgedwongen plaats in de wachtrij. Toen gebeurde er iets onverwachts. Op het openingsuur ging de deur bij het smalle gedeelte eerst op een kiertje open, waarop er commotie ontstond bij het brede gedeelte. Daarna ging het deurtje helemaal open en stormde “mijn” rij naar binnen, tot grote verbijstering van de andere rij, waar men had verwacht als eerste naar binnen te mogen. Ik begrijp tot op de dag van vandaag nog altijd niet waarom tot deze onlogische actie werd besloten.


Vanaf dat moment heerste er totale anarchie. In het kleine halletje met de kassa´s was geen enkele ordentelijke rij te bekennen en ieder deed een poging als eerste naar één van de drie kassa´s te snellen. Ik werd van de ene kant naar de andere geslingerd en kon niet anders dan willoos daarheen geduwd worden waar de massa het wilde. Binnen een minuut of twintig had de roerige menigte mij vooraan bij een kassa geplaatst, ik begrijp nog steeds niet hoe precies. Ik hoorde mezelf als een soort robot twee plaatsbewijzen bestellen. Of ik vooraan ergens wilde zitten? Ja natuurlijk! Is rij 3 goed? Wel ja, doe maar! Het is alleen niet helemaal in het midden, maar ietsje naar rechts. Is dat erg? Nou, nee. Ik betaalde het toen enorme bedrag van 400 gulden voor twee kaartjes en baande mij verbijsterd een weg terug naar de uitgang, alwaar ik een menigte woedende mensen zag, die nog net niet slaags met elkaar raakten. Ze hadden tenslotte met slaapzakken voor de deur gelegen en nu was om onduidelijke redenen alleen maar dat stomme andere kleine deurtje opengegaan om de mensen binnen te laten.


Het concert zelf was als een soort droom, die zich ergens 70 jaar tevoren leek af te spelen. Vladimir Horozwitz zou om 16:00 uur precies beginnen met het recital, maar verscheen natuurlijk te laat op het podium. Eerst moest het publiek nog opstaan toen achterin op het balkon de toenmalige Koningin Beatrix en prins Claus binnen schuifelden. Om 16:10 kwam de Maestro binnen en een daverend applaus weerklonk in de akoestisch zo prachtig toegeruste zaal van het Concertgebouw. Een indrukwekkend concert volgde en erna zouden nog drie toegiften volgen, waarbij de harde passages de grond onder mijn voeten letterlijk deden trillen .

En ergens tijdens dit hele concert, ik weet niet precies wanneer het ook alweer was, gebeurde het ongelooflijke. Horowitz zat tussen twee composities in even te wachten tot de laatste luisteraar was uitgekucht en hij blikte onwillekeurig de zaal in, vlak over zijn eigen, vanuit New York meegebrachte Steinway vleugel (waarvan wordt gezegd dat de toetsen zich ongelooflijk licht laten indrukken). Precies bij mij bleef zijn blik steken, en dat gedurende een seconde of vier, maar het leek een eeuwigheid. Of hij mij bewust heeft gezien weet ik natuurlijk niet, maar even keek ik recht in de ogen van deze toen nog levende legende, deze persoonlijke vriend van Sergei Rachmaninoff, deze laatste der Grote Pianisten van zijn generatie, aan wie zo´n wereldgeschiedenis kleefde; en deze ogen keken recht in die van mij, een jongen van inmiddels zeventien, zonder al die wereldgeschiedenis, maar met een grenzeloos respect voor wat deze Maestro daar ten gehore bracht.


Twee jaar later, op 5 november 1989 overleed Horowitz aan een hartaanval. Nog net op tijd stond ik in verbinding met een inmiddels verloren periode.




17 keer bekeken